Myanmar

Eind 2003 bezocht ik Myanmar, in de volksmond beter bekend als het voormalige Birma (de koloniale naam, of volgens de meer gangbare Engelse spelling: Burma). Lokaal is de naam van het land al eeuwen Myanmar, maar de Britten gebruikten de koloniale naam Burma. Burma refereert feitelijk meer naar één etnische inwonersgroep, de Bamar. Lokaal was het dus al Myanmar en in 1989 werd de officiële Engelse naam van het land ook veranderd van de "Union of Burma" in de "Union of Myanmar". Na die tijd zijn ook veel koloniale plaatsnamen officieel veranderd. Om tijd te winnen overbrugde ik een aantal grote afstanden in Myanmar middels binnenlandse vluchten, anderzijds heb ik ook van paard-en-wagen gebruik gemaakt. In een razend tempo reisde ik door de Unie van Myanmar en ik vond het een schitterend land, de politieke situatie buiten beschouwing gelaten. Toen ik het land bezocht heerste er een militaire dictatuur over het land, met een communistische insteek. Op zich was het niet nodig om daar als buitenlander die er slechts kort was iets negatiefs van te merken, maar even opletten en er viel toch wel e.e.a. van waar te nemen. Het verplicht wisselen bij aankomst was toen ik er was weliswaar afgeschaft, maar toch wil het regime graag dollars binnenhalen. Verder werd het nieuws gecensureerd (er was zogenaamd CNN, maar er verscheen telkens een Burmese verslaggever tussendoor) en was er geen internet (beperkt was er een soort intranet en mailen kon wel, maar beperkt, via bedrijfsmatige wegen bijvoorbeeld). In sommige plaatsen zag ik ook enkele grote rode borden met propaganda, waarvan er enkele ook in het Engels waren. Op die borden stond bijvoorbeeld iets in de trend van: men moet zich niet laten beïnvloeden door andere landen die zich in de binnenlandse politieke situatie willen mengen. Er stonden meerdere propagandaregels op die borden, maar op zich viel het aantal borden dat ik zag mee, het is niet zo dat ze op ieder kruispunt te vinden zijn. Wat mij verder opviel (of liever gezegd, enigszins tegenviel) aan Myanmar, was het prijsniveau. In de omliggende landen vond ik het prijsniveau prettiger (goedkoper, of in ieder geval vaak een iets betere prijs/kwaliteit verhouding). Als buitenlander betaal je niet meer in Myanmar, maar veel meer! Zeker wat vervoer betreft moeten buitenlanders vaak de knip schandalig ver opentrekken. Voor die bezoekers zoals ik zeker niet onbetaalbaar, maar aangezien het een Derde Wereldland is en autochtonen veel en veel minder geld hoeven neer te tellen voor dezelfde dienst, rijst soms toch het gevoel van oplichting. Ze buiten zo'n buitenkansje vaak flink uit als ze de kans krijgen. Niet eerlijk, maar het hoort er helaas bij. Het land is echter schitterend om te zien. Myanmar noemde ik voor mezelf toen ik er enkele dagen was ook wel "het land van de pagoda's". De cultuur, de natuur, culinair, in alle opzichten, ik heb erg van m'n reis door Myanmar genoten. Het was zeker de moeite waard.

 

De munteenheid van Myanmar is de Kyat. De letter "k" wordt in het Burmees overigens uitgesproken als "tsj".

Postzegel van 5 Kyat.

Bankbiljet van 100 Kyat.

 

Bankbiljet van 50 Kyat.

Achterzijde van een bankbiljet van 50 Kyat.

 

Kies hier een volgende pagina over Myanmar:
Yangon Division
Bago Division
Mandalay Division
Sagaing Division
Shan State
Mon State

Middels te klikken op de bovenstaande divisies en staten, kunt u van ieder deel van Myanmar waar ik geweest ben uitgebreide informatie vinden met vele foto's.  In totaal heb ik van Myanmar maar liefst 57 foto's op mijn website geplaatst (de bankbiljetten en postzegel hierboven niet meegerekend) !

De Unie van Myanmar is om bestuurlijke redenen opgedeeld in 14 delen. 
Er zijn 7 "divisies" waar de Bamar onder de bevolking in de meerderheid zijn en 7 "staten" waar andere etnische groepen de meerderheid vormen. 
De "divisies" zijn: Yangon, Ayeyarwady, Bago, Magwe, Mandalay, Sagaing en Tanintharyi. 
De "staten" zijn: Kachin, Shan, Chin, Rakhaing, Kayah, Kayin en Mon.

 

Cosmetica in Myanmar: boomschors.

De zachte bast van een bepaalde boomsoort wordt vermengd met water waarna er een vloeibaar smeersel komt. Dit smeren veel vrouwen op hun gezicht. Ook bij kinderen is het vaak te zien. Bij mannen heb ik het zelden gezien. Vaak zit het alleen op de konen, soms op konen en voorhoofd, maar er zijn ook vrouwen die hun hele gezicht insmeren. Dit is ooit op het platteland ontstaan, toen men zich op deze wijze wilde wapenen tegen zonnebrand. De ingesmeerde delen van de huid zijn beschermd tegen de zon. In het binnenland werkt men vaak uren achterelkaar buiten in de zon en dit voorkomt verbranden. Echter, veel vissersvrouwen die in het water werkzaam waren gebruikten het en het is niet bestand tegen water. In de regen spoelt het er ook meteen af. Tegenwoordig gebruikt men het nog steeds tegen de zon, maar dat is niet meer de belangrijkste reden. Ook vrouwen die niet in de zon werkzaam zijn smeren zich ermee in. Het is nu vooral make-up. Bij veel vrouwen (en kinderen) in diverse delen van het land is deze make-up te zien.

 

Terug naar vorige pagina